Soms blijft er niets anders over dan een situatie te accepteren zoals die is, rest er niets anders dan van die situatie het beste te maken omdat alles om haar te veranderen al is geprobeerd.
Accepteren dat er drugsverslaafden zijn die niet meer van hun verslaving afkomen is omstreden maar GGZ instelling Delta Bouman in Rotterdam doet juist dat. Er is volgens de instelling een groep verslaafden die door wat voor traumatische ervaring of psychische stoornis dan ook al zo lang gebruikt dat de hersenen beschadigd zijn geraakt en het daardoor niet mogelijk is van de drugs af te komen.
Ze exploiteert door de gemeente beschikbaar gestelde gebruikersruimten waar deze mensen terecht kunnen om te gebruiken, een boterham te eten en te douchen. Ze worden er geaccepteerd zoals ze zijn.
Eén van hen is Jan. Hij is boos als hij de gebruikersruimte aan de Moerkerkestraat binnenkomt. “Die teringjunks hebben mijn tent gejat”. Vloekend gaat hij naar boven. Hij heeft net zijn “dope” gehaald en gaat het meteen gebruiken.
Beneden in de huiskamer drugs gebruiken mag niet, alcohol is in het hele pand verboden en rommel moet worden opgeruimd. Het is een aantal van de regels die er voor zorgen dat de orde in de gebruikersruimte gehandhaafd blijft.
Boven stalt Jan zijn spullen uit. Eerst maakt hij een “base-je” klaar. Hij steekt het pijpje met cocaïne aan, neemt een diepe haal en weg is het. Het duurt maar kort maar hij heeft zijn “bruin” nog. Heroïne die hij verwarmt en via een filter opzuigt in een spuit. Hij vindt een ader en leunt ontspannen achterover als het genot binnenkomt.
Al 20 jaar herhaalt dit ritueel zich een aantal keren per dag. Hij heeft geprobeerd om van de drugs af te komen, is zelfs een tijd “clean” geweest maar na alles wat hij in zijn 41 jaar heeft meegemaakt hoeft het voor hem niet anders meer.
Hij financiert zijn gebruik door ramen te wassen van auto’s die over “zijn” kruispunt gaan. Een vaste plek waar hij goedgehumeurd zijn klanten bedient. Bijna altijd is hij opgewekt maar er zijn ook momenten dat de uitzichtloosheid van zijn situatie tot hem doordringt.
Die avond, als hij in de kilte van zijn slaapplaats nog wat heroïne spuit en kleding bekijkt die hij bij het vuil heeft gevonden, mompelt hij: “dit is nou mijn leven”.
De volgende dag zal er gekookt worden bij Delta Bouman. Hij zal weer schone spuiten krijgen en kunnen gebruiken in een beschermde omgeving. Het maakt zijn leven draaglijker.
Augustus 2003